Fonske en het jaartallenleven

De vriendenkringen Mannen van het Jaar zijn zeer verheugd dat hun trouwe vriend Fonske opnieuw de honneurs zal kunnen waarnemen tijdens de komende ‘Abrahamviering’ op zaterdag 1 september 2012 en dit na een afwezigheid van bijna 24 maanden. Fonske zal dan, rond 16.30u, zijn 38ste jaartallenkostuum aangemeten krijgen, een geschenk van de ‘Vriendenkring Mannen van 1962’.

Een onderbreking in de traditie van de vriendenkringen Mannen van het jaar om Fons Sapientiae (‘Fonske’ voor de vrienden) elk jaar van een kostuum te voorzien is er nooit geweest. In 2011 konden de Mannen van 1961 hem hun kostuum, aan een plaasteren levensgroot afgietsel in de voorzaal van het stadhuis, aandoen.

De Mannen van het Jaar hebben getracht informatie te verzamelen over hun ‘goede’ vriend en zijn 37dertig jarige aanwezigheid in onze stad. De studenten, de Leuvenaars en een unieke vorm van verenigingsleven ‘Het Jaartallenleven van Leuven’ dragen hem een goed hart toe.

Het beeldje bestempelt Leuven niet alleen als een wijze universiteitsstad, maar ook als een aangename studentenstad.

Rector Pieter De Somer wenste, na het vertrek van de franstaligen naar Louvain-la-Neuve, een gebouw voor de faculteit Psychologie ter beschikking te stellen en volgens hem mocht daar ook wel wat kunst bij. Een wedstrijd werd uitgeschreven en beeldend kunstenaar Jef Claerhout (1937) verduidelijkte zijn winnend voorstel met ‘Het is een sculptuur van iemand die, een pils in zijn hoofd gietende, zijn gedragingen bestudeert’.

De commissie belast met de keuze loofde het beeldje om zijn rauwe eenvoud, doch de decaan van de faculteit der Psychologie en Pedagogische Wetenschappen, Joseph Nuttin, vond dat het niet voldoende artistiek cachet bezat.

Het toeval wilde dat de universiteit ook op zoek was naar een passend geschenk voor de stad en dit ter gelegenheid van de 550ste verjaardag van de universiteit in 1975. Als studentenmascotte wordt het beeld plots niet te licht bevonden.

Studentenorganisaties wierpen echter op dat de kinderlijke drinkebroer een achterhaalde karikatuur was van de student. De stad reageerde hierop ontgoocheld.

Uiteindelijk gaf men hem de naam ‘Fons sapientiae’, bron/fontein van de wijsheid, afgeleid van de ‘Sedes Sapientiae of zetel der wijsheid (het Mariabeeld in de Sint-Pieterskerk dat het embleem is van de universiteit). Het was immers overduidelijk dat het geen bier was maar water dat in zijn hoofd werd gegoten. Of is het wijsheid dat hij met volle teugen in zijn hoofd giet, terwijl hij aandachtig in zijn boek leest. De bladzijden die hij reeds 37 jaar bestudeert bevatten een vijftal formules die uiteindelijk als eindresultaat ‘GELUK’ in de breedste zin van het woord moeten brengen, samen met de voornaam en naam van de kunstenaar. Geluk en wijsheid, een typerende combinatie van het studentenleven.

De Vlaamse pers bleef echter bij de ‘Drinkende student’. Nochtans had de toespraak van kunstenaar Jef Claerhout bij de onthulling helder genoeg geklonken. “Ik heb er niet een soort ‘lieverdje’ of een prinsstudent van willen maken. Ook geen student van nu. Het is de Leuvense student van 1425 tot 1975; de knaap wiens kop men barstens vol giet met vaak ijdele wetenschap.

De dag na de inhuldiging werd het beeldje reeds ontvoerd, het werd gekleed met een toga en naar de rector gebracht die zelf zat te feesten op een afscheidsdiner voor emiriti. Daarna werd het beeld terug op zijn sokkel geplaatst.

‘Fons’ werd ‘Fonske’ en men deed hem regelmatig kostuums aan naar voorbeeld van zijn waterspuitend broertje in Brussel.

In 1977 kwamen de ‘Mannen van 1927’ op een origineel idee: ‘Fonske’ bij de viering van hun 50 jaar worden te tooien met het kostuum van hun vriendenkring. De nodige contacten met het stadsbestuur werden gelegd en jaargenoot kleermaker Alfons Guilliams bezorgde op zaterdag 3 september (dag van de Abrahamviering van de jubilerende vriendenkring) ‘Fonske’ een op maat gesneden kostuum. Het was het begin van een traditie. Tot vandaag heeft ‘Fonske’ 37 jaartallenkostuums (de kostuums van het jaartal 1925 en 1926 werden later toegevoegd). Mevrouw M. Neuhard (echtgenote van A. Struys) maakte tot heden de
meeste kostuums. Van haar vernamen de jaartallen dat de maten van ‘Fonske’ ongeveer deze zijn van een kind van 7 jaar.

In 2003 werden op initiatief van de Erfgoedcel Leuven en aantal levensgrote plaasteren afgietsels gemaakt en 25 kostuums werden in Leuvense winkels tentoongesteld van 12 september tot 10 oktober onder het motto ‘Fonske Up ze sondoos’. Daarna werden 12 afgietsels naar de Raadskelders gebracht waaraan jaarlijks de kostuums worden aangepast. De overige kostuums worden bewaard in het M-museum.

Op 9 januari 1978 zouden de Mannen van 1938 hun intrede binnen het jaartallenleven niet ongemerkt laten voorbijgaan. Het was wel een geënsceneerde verdwijning met medeweten van het stadsbestuur en de kunstenaar.

Op die donkere nacht rond 02.30u trokken zij naar het Fochplein. De waterleiding diende afgekoppeld te worden en 6 zware ‘boulons’ losgemaakt. Het beeld werd op een karretje geladen, een doek erover en men ging naar het Museum Vanderkelen-Mertens waar zij het verborgen. Er was overeengekomen dat het hier een onderhoudsbeurt zou krijgen. Op de plaats van ‘Fonske’ bleef een pietluttige beeldje achter (een Cupido drinkend aan een hoorn) met volgende tekst ‘Awel Ja. IK ZENNE WEG’. Deze Cupido zou toppunt van alles ook nog gestolen worden door studenten (studentenclub Hesbania). Zij lieten hun voorwaarden kennen via de ‘Grootleuvenaar’: de mannen van 1938 dienden een vat bier te schenken in hun lokaal ‘De York’. Wat ook gebeurde.

De regionale edities van de kranten stonden er vol van, wie heeft het gedaan, de studenten uit Gent of Louvain-La-Neuve? Vermoedens gingen wel richting Mannen van 1938 die niet voor niets de ‘Fonskes’ werden genoemd. Burgemeester A. Vansina reageerde laconiek op het gebeuren: ‘Fonske heet Fons Sapientiae, bron van de wijsheid. Hij zal dan ook wel zo verstandig zijn om terug te keren naar zijn ereplaats. Bovendien kunnen we alleen maar hopen dat het beeld dan inderdaad grondig zal schoongemaakt zijn’. Na een week werd het beeld in stoet teruggebracht naar het Fochplein, voor de gelegenheid tijdelijk omgedoopt tot ‘Fonsplein’.

In oktober 1978 ontstaat er weer commotie als ‘Fonske’ opnieuw ontvoerd werd. Pas na een maand werd hij teruggevonden in een bloemenbak in Louvain-La-Neuve vastgezet in een blok beton. Een eerste poging om hem te bevrijden zou mislukken gezien de werklieden belaagd werden door studenten met brandweerspuiten. Zwaar gehavend kwam hij uit dit hachelijk avontuur. Op 20 november was hij echter terug op zijn vertrouwde plaats in Leuven. Hij was er echter rustig bij gebleven en liet zijn schedel verder vol vloeibare wijsheid vullen en bestudeerde verder de mogelijkheden om tot ‘geluk’ te komen.

Alhoewel stunten uitvoeren niet tot de geplogenheden van de ‘Orde van de Pietermannen’ behoort (de orde van de Pietermannen ontstond tijdens het carnavalseizoen 1968/1969 in de schoot van het Verbond der Jaartallen en zou vanaf 1973 een eigen koers varen) werd in 1981 toch even die toer opgegaan. Bij de opening van het carnavalseizoen werd op 11 november aan ‘Fonske’, het kleine mannetje van het Fochplein die daar dag in dag uit alle weder moest trotseren, gedacht. De Pietermannen gaven hem als bescherming een dakje boven het hoofd. Een getrouwe kopie van het prieeltje dat de Elisabethbron in Bad-Homburg, stad waar de vereniging reeds meer dan 40 jaar verbroederd is, siert.

In 2003 werd zelfs de mogelijkheid onderzocht om bij bepaalde gelegenheden ‘Fonske’ toch Stella in plaats van water in zijn hoofd te laten gieten. Dit bleek echter technisch niet mogelijk (gezien de structuur van het beeld) en dus blijft hij steeds maar water gieten.

‘Fonske’ zou in de loop der jaren vele kostuums, uniformen en andere kledingsstukken ontvangen en dit van zowel Leuvense als andere verenigingen en organisaties. Deze worden bewaard in het M-museum.

Regelmatig verdween hij ook even uit het straatbeeld als het tijd werd om enkele herstellingen uit te voeren of een opfrisbeurt te krijgen. In 2007 zou hij een drietal maanden uit het straatbeeld verdwijnen. Na 31 jaar was het nodig hem even te laten opfrissen. Hij kreeg een nieuwe bronslaag en zijn beschadigd been ter hoogte van de kuit werd hersteld. In september stond hij weer op zijn vertrouwde plaats. De ingreep aan de kuit was echter niet volledig geslaagd en er sijpelde nog steeds water door. Even verdween hij weer voor enkele dagen maar sindsdien is alles in orde met hem.

Van bruut vandalisme werd het beeldje, buiten zijn escapade naar Louvain-La-Neuve, tot heden steeds gespaard.

In september 2010 verdween hij voor bijna twee jaar. Uitgerust zal hij nu zeker zijn.

‘Fonske’ komt terug, na een lange vakantieperiode, op het plein dat hij verliet als Maarschalk Fochplein en dat hij terugvindt als Rector De Somerplein. Hoe een dubbeltje rollen kan! Want was het niet juist deze rector die aan de basis lag van zijn bestaan?

Bookmark and Share

Post een reactie