Koning van de Belgische folk

Na onder meer Bent van Looy en Gepetto & The Whales viel de eer dit jaar te beurt aan Bony King om te pronken op de affiche van OpeningsUUR KULtUUR, het muzikaal startschot voor het nieuwe academiejaar. Naar jaarlijkse en goede gewoonte was dat openingsconcert gratis voor cultuurkaarthouders. De oudste albums van Bony King ken ik al een hele tijd, maar afgelopen festivalzomer heb ik tijdens Pukkelpop mijn bed verkozen boven het vroege concert van Bony King en een eerste kennismaking met zijn nieuwe album Wild Flowers. Tot mijn grote spijt, en dat heeft het concert van woensdag mogen bevestigen. Ik blik terug op een geslaagde avond.

Bony King
© Charlotte Knapen

De Gentse singer-songwriter Bony King alias Bram Vanparys, die zijn voormalig pseudoniem The Bony King of Nowhere inruilde tegen een kortere variant, heeft al vier albums op zijn conto staan. In 2009 debuteerde hij met het bejubelde Alas My Love en daarop volgden de evenzeer succesvolle Eleonore (2011) en The Bony King of Nowhere(2012). Zijn jongste album, Wild Flowers, zag in het voorjaar van 2015 het licht na een vruchtbare samenwerking met topmuzikanten en producer Ryan Freeland in Los Angeles. Bony King is verder bekend om de filmmuziek die hij schreef voor Les Géants van Bouli Lanners en het titelnummer van de langspeelfilm 22 mei van Koen Mortier.

Vanparys kwam, zag en mocht tevreden zijn: een grote menigte (van voornamelijk) studenten was naar de Pieter de Somer-aula afgezakt voor een ontspannen muzikale avond, zoals het de Leuvense cultuurliefhebbers belieft. De vijfkoppige band kwam fashionably late ter zake met het openingsnummer Standing in the Light, dat ook het eerste nummer is van het jongste album. Er was zonder twijfel sprake van een aanhef à la (The) Bony King (of Nowhere): herkenbare en harmonieuze melodieën, traditioneel en netjes binnen de lijntjes gekleurd. Mijn verwachtingen waren bij dezen ingelost. Vanparys liet zelf overigens ook een keurige indruk na (Dat hemd! Die lederen schoenen!). Het hele concert was in een ongedwongen jasje gestoken en baadde in de sfeer van een huiskamerconcert. Vanop de derde rij banken, op luttele meters van de planken, vergat ik haast dat ik me in een grote Leuvense aula bevond. De aanzet tot een intiem concert was gegeven.

“Ik schrijf alleen over echte zaken.” 

Het tweede nummer, liefdeslied Sweet Love, klonk inhoudelijk even zoet als Vanparys’ karakteristieke stemgeluid. Het sleutelwoord is zachtmoedige folk dat vertrouwd in de oren klinkt. Ook andere nummers van het album Wild Flowers passeerden de revue, zoals het emotionele One More Night en het gemoedelijke Wandering Light. Op het eerste gehoor leken de – voor mij tot dan toe onbekende – nummers erg op elkaar, met uitzondering van de ondertussen bekende radiohits en meezingers Sad Rosanne (“There she goes, so calm and easy”) en At the Gates of Town. Het ingetogen publiek schudde sporadisch en lichtjes het hoofd en die nummers bleven ook na het concert nog in mijn hoofd genesteld.

dsc_0027b
© Charlotte Knapen

Niet alleen Vanparys’ heldere en zoetgevooisde stem, maar ook de harmonische backing vocals, het lapsteelwerk van Gertjan Van Hellemont en het bekwame pianospel van Cleo Janse waren een ware streling voor het oor. Daarenboven was de volle sound, ondersteund door bas en drum, in een aantal nummers opmerkelijk, niettegenstaande het feit dat de climax achterwege bleef. Keerzijde van Vanparys’ herkenbaar zuivere timbre is evenwel dat het soms naar het zeurderige neigde. Op die momenten dwaalden mijn gedachten dan ook langzaamaan af.

Muzikale hoogtepunten van de avond waren ‘oldie’ The Garden (“Today I leave it all behind”) en de akoestische nummers waarbij Vanparys louter met gitaar en stem en (schijnbare) ongekunsteldheid zijn talent kon etaleren. In een filosofische bui poogde hij in de liedjesteksten en tussen de nummers door te reflecteren over de jonge vrouwen van de eenentwintigste eeuw en zijn kwaadheid jegens de Bijbel te uiten. Voor één akoestisch nummer riep hij de onberispelijke vocale bijstand in van Cleo en Gertjan. Zij gaven een illustratie van eenvoudige en harmonieuze meerstemmigheid waarbij vakmanschap niet ontbrak: ars est celare artem (‘het is de kunst om kunst te verbergen’).

“De manier waarop muziekgroepen zich profileren op Facebook en Instagram vind ik onzin. (…) Eigenlijk is alles onzin. Het enige wat ik écht belangrijk vind, is dat jullie hier vanavond zijn. Wat mij echt raakt en bezighoudt, is dat jullie hier vanavond zijn en geen PlayStation spelen of televisie kijken. Hier samen zijn, los van Facebook, managen en alle onzin.”

Het intermezzo over de onzin van alles zorgde ervoor dat het voordien beheerste publiek (instemmend) begon te knikken en geroerd werd door de openhartige en vleiende woorden. Vanparys drukte op persoonlijke en simplistische wijze zijn denkbeelden en dankbaarheid uit, zoals hij dat in zijn liedjesteksten ook goed doet. Maar het moet gezegd worden: zijn eerste bindteksten waren klunzig en ongemakkelijk. Nogal stuntelig trachtte hij tussen de openingsnummers door het ijs te breken met vragen als “Voelen jullie zich OK in deze schoolse omgeving? Hoe noemt dit soort plek eigenlijk?” Een aula is klaarblijkelijk niet zijn vertrouwde habitat. Elk nummer rondde hij overigens af met een bescheiden en voorspelbare “dank u wel”. Jammer dat variatie in zijn woordgebruik ontbrak.

dsc_0033b-2
© Charlotte Knapen

De muzikale avond werd ten slotte op gepaste wijze afgerond met bisnummer Summer Nights. Op een gure herfstdag vulde Bony King voor een laatste keer de aula met zijn eerlijke warmte. Oprechte en pure muziek, een melancholische sfeer, hartstochtelijke smeekbedes en treffende interludia: ik kan besluiten dat het nieuwste album van Bony King de stijl behoudt waarin hij goed is en er een countrysausje overheen giet. Long live the king!

Bony King, volgende zomer verlaat ik mijn bed voor jou. Beloofd.

Het OpeningsUUR KULtUUR concert Bony King vond woensdag 7 oktober om 21.00u plaats in de Pieter De Somer-aula (Debériotstraat 24, 3000 Leuven). Het concert was volledig gratis voor cultuurkaarthouders en anderen betaalden 15 euro. Heb je het gemist? Wees er volgend academiejaar zeker bij!

Door Charlotte Knapen.

Dit artikel verscheen eerder op CLUB KULtuur.

Bookmark and Share

Post een reactie