Leuvens dialect voor allen, ook voor niet-Leuvenaars (Les 33)

Leuvens dialect: de spelling van de MEDEKLINKERS: C, Q en X (deel 3 van 3)

Gouden regel van de medeklinkers: in het “Leives” gebruik je NOOIT medeklinkers die je anders leest of uitspreekt dan dat je ze schrijft, wat in het Nederlands (Nl.) dikwijls wèl het geval is.

NB: Let voorlopig niet op de klinkers in de hiernavolgende voorbeelden. De klinkers worden in één van de volgende lessen besproken.

1. De letter C

De letter C wordt in het Nl. uitgesproken als K of als S. Dus lees en schrijf je in het “Leives” K of S!
Bijvoorbeeld: akademie (academie), akteur (acteur), elektrisitoët (elektriciteit), grasjeis (gracieus), kaktus (cactus), kapasetoët (capaciteit), kapsul (capsule), koboj (cowboy), kloor (chloor), kollezje (college), konsêr (concert), kontakt (contact), kries (crisis), persies (precies), prinsiep (principe), resèpse (receptie), sentier (ceintuur), sinnema (cinema), sitreun (citroen), soëffer (cijfer)…

2. Voor de dubbele C geldt dezelfde regel als voor de letter C:
akkoizje (occasie), akkordeon (accordeon), akku (accu), aksènt (accent), aksidènt(accident), sirk of sirkus (circus), sukses (succes), vaksên (vaccin)…

Onthou: de letter C komt NOOIT alleen voor in het “Leives”. Je vindt ze als dubbele C, of in combinatie met de letter H.

3. De combinatie van de letters C en H

Twee mogelijkheden:

3.1. De letter C in combinatie met de letter H wordt CH uitgesproken zoals in het Nl.
Bijvoorbeeld:
beschooving (beschaving), beschroëve (beschrijven), geschrieëf (geschreeuw), klacht (klacht), lichoom (lichaam), pech (pech), plechteg (plechtig), prachteg (prachtig), schaa (schouw), schaaver (schouder), schat (schat), scheun (schoen), schoën (schijn), schoop (schaap), schoeëm (schuim), schoins (schuin), schroëve (schrijven), schuemeuder (schoonmoeder), schuen (schoon), smachte (smachten), vechte (vechten)…

3.2. Echter! De CH wordt in het “Leives” ook als SJ geschreven en uitgesproken. Dit geldt zowel voor woorden van Nederlandse als van Franse oorsprong.
Bijvoorbeeld:
Nederlands: gesjeid (gescheurd), sjein (scheen-been), sjeipen(e) (schepen- ambt), sjèlm (schelm), sjelp (schelp), sjêrp (scherp, ook sjerp = sjaal), sjidde (schudden), sjie (schuur), sjieë (scheiden), sjieël (scheel), sjieër (schaar), sjiete (schieten), sjilderoë (schilderij), sjimmel (schimmel), sjimpanzei (chimpansee), Sjineis (Chinees), sjok (schok), sjokolat (chocolade)…
Frans: kasjot (cachot), sjambrant (chambrant), sjampagn (champagne), Sjarel (Charel), sjarkuterie (charcuterie), sjarmant (charmant), sjef (chef), sjèk (cheque), sjimist (chemicus), sjoffaasj (chauffage), sjoffeur (chauffeur), sjokeire (choqueren), sjoof-pla (Fr.) (schotelverwarmer)…

NB: er volgt nog een aparte les over de vele (!) Franse woorden die in het “Leives” worden gebruikt.

4. De letter Q

Eenvoudig: die bestaat niet in het “Leives”. Je schrijft en je leest wat je hoort, en dus q = kw of k.
akwarium (aquarium), kadril (quadrille), karantên (quarantaine), katrekaar (quatre-quart: een soort gebak), kit (quite), kwis (quiz), kwosjent (qoutient), kwoteire (quoteren)…

5. De letter X

Nog zo eentje: de letter X wordt ook niet gebruikt in het “Leives”. Ook hier weer: je schrijft en leest wat je hoort, en dus x = ks.
eksemploor (exemplaar), ekskluzief (exclusief), ekskuus (excuus), expêr (expert), ekzoom (examen), ekzotisch (exotisch), eksperiment (experiment), kompleks (complex), ksilofoon (xylofoon), leksiskon (lexicon)…

Besluit
èn herhaling van de gouden regel voor het lezen en begrijpen:
Je spreekt alle letters uit die je leest, zoals ze geschreven staan, zonder te fantaseren.
Lees hardop, zodat je jezelf hoort!

En voor de rest: van buiten leren, zoals je dat hebt gedaan met de andere talen die je kent!

Bookmark and Share

Post een reactie