Archief per auteur

Het is een (BIB)nacht…

If you have a garden and a library, you have everything you need; dat inzicht had de wijze Cicero al. Een tuin mag ik in Leuven dan wel missen, een prachtige bibliotheek is er wél. Voeg daar nog eens concerten, performances en expo’s aan toe, en ik ben ook een gelukkig mens. Op woensdag 18 november werden voor het derde evenement van UUR KULtUUR, de BIBnacht, de Centrale Bibliotheek van de KU Leuven en bibliotheek Tweebronnen opengesteld voor het publiek. Ik was samen met enkele medebloggers aanwezig. Als bibliofiel, recensente en geïnteresseerde kunstminnares. Lees de impressies van Rinke Rens en mezelf.

dsc_0043b
St. Grandson in de Universiteitsbibliotheek © Charlotte Knapen

De BIBnacht beloofde alles in huis te hebben om je nieuwsgierigheid te prikkelen. Wel ja, dat is ook gelukt, want ik stond te popelen om het veelbelovende programma te ontdekken. Een goed gevulde avond was verzekerd: al vanaf 19 uur kon je deel uitmaken van de leesclubs rond Roderik Six (Val) en P. B. Gronda (Wanderland). Een halfuurtje later konden ook de exposities worden bezocht en stond Pop-up bar Bar Stan paraat om de dorstige kelen te lessen. Lees verder.

Bookmark and Share

Reizen op muziek

De reisconcerten van het Universitair Symfonisch Orkest, kortweg het USO, zijn een jaarlijke traditie waarbij het orkest ook Leuven laat meegenieten van hun orkestreis begin november.
Het welkomstwoordje staat dan ook niet alleen in het teken van het eerste werk, maar wordt aangevuld met wat reisanekdotes. Die zijn voor het orkest wellicht grappiger dan voor het merendeel van het publiek, maar ze schetsen wel de sfeer van een hechte vriendengroep.

Gelukkig is het daarna tijd voor een streepje muziek.
De hoorns zetten welluidend in met de openingstonen van Humperdincks ouverture uit de opera ‘Hänsel und Gretel’, gebaseerd op het gelijknamige sprookje van de gebroeders Grimm.  Het nummer blijkt alvast een goede opener, want ik word er meteen helemaal vrolijk van. Wie zijn ogen sluit, kan zich gemakkelijk het hele sprookje voorstellen in deze melodie. Soms vrolijk, dan weer spannend met snelle loopjes bij de strijkers, voert dit werk je mee doorheen het verhaal van Hans en Grietje.

Het tweede werk, ‘postero die’ van Sharafyan, is van een hele andere aard. Het is tevens het enige werk van de avond van een componist die nog leeft.  Vertaald uit het latijn betekent de titel ‘de volgende dag’, en dat is precies de sfeer die deze muziek wil oproepen: die van een nieuwe dag.
De haartjes op mijn armen gaan rechtovereind staan en de rillingen lopen me over de rug zodra de eerste tonen weerklinken. Soms onheilspellend, dan weer vreemd verfrissend weet dit werk exact de sfeer op te roepen die het wil oproepen. De cellosolo, schitterend vertolkt door de Armeen Hayk Sukiasyan, maakte het helemaal af.

Als derde werk staat het celloconcerto van Saint-Saëns op het programma. Weer een compleet ander werk, al heeft het de prominente rol voor cello gemeen met het vorige. Het is een concerto dat door velen gezien wordt als een van de mooiste celloconcerto’s in de geschiedenis, en na deze uitvoering kan ik begrijpen waarom: muziek die meestal heel intens is, maar soms net weemoedig, om dan weer te sprankelen – Je wordt helemaal in vervoering gebracht.
Ik heb hem al een keer vermeld, maar hij verdient ook bij dit werk een vermelding: cellist Hayk Sukiasyan. Deze man vertel een verhaal met zijn instrument, en op prachtige wijze gedragen door het USO slaagt hij erin de gevoelige snaar te raken.  Minder van belang bij een concert, maar een leuke extra voor wie graag met open ogen naar muziek luistert: de mimiek van deze cellist is goud waard.

Na een pauze van bijna een halfuur – wel lang, dacht ik, maar ik begreep waarom toen het volgende werk aangekondigd werd – volgt de zesde en laatste symfonie van Tsaikovski, pathétique, een werk waarin sommigen achteraf gezien een voorbode van de dood van de componist zagen.
Deze vijftig minuten durende compositie doorwerkt alle mogelijke gevoelens. Soms groots muzikaal geweld, dan weer intieme passages die je als luisteraar bijna in trance brengen om vervolgens opgeschrikt te worden door een nieuwe meer uitbundige passage.  Het derde deel trekt alle registers open en lijkt de climax van het werk te zijn, maar wordt nog gevolgd door een veel intiemer vierde en laatste deel. Wanneer de laatste tonen zacht wegsterven, is het muisstil in de grote Pieter De Somer Aula. Een welverdiend en luid applaus barst los wanneer de dirigent zijn handen laat zakken.

Alsof dat allemaal nog niet genoeg was, speelt het USO ook nog een ludiek bisnummer, waar zelfs wat mee te winnen valt. Hoe die vork juist aan de steel zit, ga ik nog niet verklappen – ga daarvoor zeker zelf luisteren. En als je nog niet helemaal overtuigd bent, ben je misschien wel te overtuigen door de Leffe-receptie achteraf?

uso

WAT? Reisconcerten van het Universitair Symfonisch Ensemble // WANNEER? vrij 14/11 om 20u // WAAR? Pieter de Somer Aula // PRIJS? €5,00 voor studenten (€4,00 met cultuurkaart)

Door Rinke Rens.

Dit artikel verscheen eerder op CLUB KULtuur.

Bookmark and Share

Alleen de allergrootste nabijheid, of hoe grenzen vervagen

Een roman als uitgangspunt voor een dansvoorstelling: geen evidente keuze. Zeker niet als die roman ‘Die Wahlverwandschaften’ is, een twee eeuwen oude roman van Goethe. Toch is dat precies het uitgangspunt van ‘alleen de grootste nabijheid’ de nieuwe productie van fABULEUS en Dox.

Acht jongeren hebben het podium al ingenomen wanneer het publiek de zaal binnenkomt. Ze zijn druk in de weer met hun waterflesjes, laptops, smartphones en elkaar. Het geheel doet denken aan een studieruimte, een indruk die nog versterkt wordt door de met schriften en boeken bezaaide tafels waar ze aan zitten.

Het verhaal dat ze zullen brengen, is simpel: Eduard en Charlotte, een koppel, nodigen Otto, kapitein en vriend van Eduard, en Ottily, nichtje van Charlotte uit. De vier worden algauw hopeloos verliefd, en wat volgt is een spel van aantrekken en afstoten, een worsteling tussen de natuurlijke driften en de opgelegde normen van de cultuur.

De dansers/acteurs stappen in en uit dit verhaal. Soms zijn ze zichzelf, soms een deel van het personage. Tussendoor vertellen ze elkaar en de toeschouwers met behulp van sildes, een microfoon en wikipedia over de achtergrond van de roman. Als publiek word je heen en weer geslingerd tussen het kijken naar de voorstelling en betrokken zijn in een soort van repetitieproces dat de dansers doormaken.

Mede dankzij de tussenkomsten van de acteurs, is dit een hele begrijpbare dansvoorstelling. Geen ellenlange routine van bewegingen waarbij je je op het einde afvraagt wat je nu eigenlijk gezien hebt, maar kleine explosies van dans, gekaderd in het verhaal van de vier geliefden en opgevuld met achtergrondinformatie. Jammer genoeg maakt net die extra informatie het soms wat té uitleggerig, want af en toe krijg ik het gevoel dat ik in een collegezaal zit in plaats van in een theaterzaal. Gelukkig is er ook ruimte voor humor, die voor een welkome afwisseling zorgt naast informatie.

Die afwisseling tussen ernst en luchtigheid is typerend voor deze voorstelling vol tegenstellingen: alle mogelijke grenzen tussen voorstelling en werkelijkheid vervagen en worden in vraag gesteld, personage en acteur staan naast elkaar op het podium en het verhaal wordt afgewisseld met zijsprongen over compleet andere dingen die op het eerste gezicht niet bij het verhaal passen, maar er op de een of andere manier toch in thuishoren.

Ook alle lof voor de energie waarmee de dansers zich het hele uur smijten. Ze dansen de ziel uit hun lijf in het verhaal van de vier geliefden, maar storten zich met evenveel energie op een impressie van landschapsarchitectuur. Toch lijken ze in hun energie hier en daar wat afwerking te missen. Sommige delen komen wat rommelig over, en dat is jammer, want de beweging op zich werkt heel krachtig.

Samengevat is ‘alleen de grootste nabijheid’ een hele toegankelijke dansvoorstelling, die bruisend van energie flirt met elke mogelijke tegenstelling die er in het theater te bedenken valt, maar die hier en daar toch nog wat afwerking mist.

Alleen de grootste nabijheid speelt nog tot en met zaterdag 13 november in STUK, maar gaat daarna nog tot en met 11 februari op reis doorheen Vlaanderen en Nederland.

alleendegrootstenabijheid-affichebeeld

Wat? Alleen de grootste nabijheid, fABULEUS en DOX // Wanneer? vrij 12/11/2015 en za 13/11/2015 om 20u30 // Prijs? €14,00 ( €10,00 met cultuurkaart) // Waar? STUK

Tickets en info: STUK of fABULEUS

Door Rinke Rens.

Dit artikel verscheen eerder op CLUB KULtuur.

Bookmark and Share

The Van Jets @ Het Depot

De Oostendse rockband The Van Jets met Johannes Verschaeve aan het roer was dinsdagavond in Het Depot en de afwezigen (of diegenen die geen ticket meer konden bemachtigen) hadden ongelijk! De winnaars van Humo’s Rock Rally 2004 knalden er op los met hun vierde album ‘Welcome To Strange Paradise’. Om het met de woorden van frontman Johannes te zeggen: ‘We hebben er een paradijs op aarde van gemaakt, maar met al onze neuroses maken we de boel kapot’. En dat laatste mag u zelfs letterlijk nemen, want Het Depot zal naar alle waarschijnlijkheid enkele renovatiewerken moeten uitvoeren na de passage van het wervelende The Van Jets. En of ze van jetje hebben gegeven!

the-van-jets

Lees verder.

Bookmark and Share

De grenzen van de kunst

Een toneelstuk kan bevestigen en geruststellen, maar net zo goed in vraag stellen en ontwrichten. Wat is de taak van kunst en welke rol speelt de waarheid daarin? In deze productie van Het nieuwstedelijk kiest regisseur Stijn Devillé voor de confrontatie.

Leni & Susan zet twee intrigerende figuren uit de geschiedenis op de planken en construeert een ontmoeting die in werkelijkheid nooit heeft plaatsgevonden. Leni Riefenstahl, de Duiste cineaste die de propagandafilms voor Hitler verzorgde, wordt op haar 96euitgenodigd door TIME-magazine op een feestelijke bijeenkomst voor alle gezichten die ooit de cover van het tijdschrift haalden. Een andere genodigde is Susan Sontag, Amerikaanse schrijfster en filosofe met de reputatie van medogenloze critica. Leni wordt vertolkt door de onvermoeibare Chris Lomme, terwijl Simone Milsdochter de rol van Susan op zich neemt.

freek verdonckt
(c) Freek Verdonckt

Het contrast tussen beide vrouwen kon niet groter zijn: Riefenstahl werd 101 en belichaamde zo de vitaliteit en kracht die niet alleen haar films in opdracht van het naziregime uitademden, maar die ook in haar foto’s van de Nuba volkeren in Soedan terugkeerden. Die foto’s werden door Sontag genadeloos de grond ingeboord als een vorm van “fascinerend fascisme”, een beschuldiging die de fotografe en haar werk de rest van haar leven zou tekenen. Sontag ging meermaals het gevecht met kanker aan en schreef vlijmscherpe essays over seksualiteit, politiek en kunst. Voor de joodse schrijfster moest kunst haar krachtige stem gebruiken om de waarheid ter discussie te stellen en politieke en maatschappelijke kwesties aan te kaarten. Volgens Riefenstahl had kunst echter niets met politiek te maken: “Bij opperste vormen van schoonheid moet de moraal zich terugtrekken.” Tot een dialoog tussen beide vrouwen is het uiteindelijk nooit gekomen, maar Leni & Susan laat zien tot wat voor vuurwerk dat geleid zou hebben.

Het stuk gaat van start als een verhaal gesitueerd in het verleden. Naarmate de voorstelling vordert, ruilen de vrouwen de derde persoon in voor de ik-vorm en gaan ze het steeds meer over zichzelf in het nu hebben. De morele vraagstukken van de 20eeuw kruipen almaar dichter naar het publiek toe: ook vandaag zijn goed en slecht niet altijd van elkaar te onderscheiden. Het is een voorstelling van contrasten: de onverwoestbare jeugdigheid in het lijf van Riefenstahl – Lomme zwaait met haar 76 jaar ook nog behoorlijk met haar benen in het rond – tegenover de lichamelijke aftakeling en imperfectie van Sontag, het wijze in gevecht met het zuivere, het ware als tegenpool van het schone. Elke tegenstelling wordt bevraagd en uitgediept.

Lomme en Milsdochter brengen intense filosofische monologen, zonder oordeel of verdediging. Riefenstahl wordt neergezet als een vrouw met ambitie en een onvoorwaardelijke liefde voor schoonheid die het gevecht tussen goed en fout overstijgt. Sontag raakt steeds meer vertwijfeld door haar eigen reflecties, die uitmonden in een intelligente stream of consciousness begeleid door videobeelden van de Leuvense kunstenaar Walter Verdin. Het stuk biedt geen antwoord op het eeuwige dilemma tussen kunst en politiek, maar schetst een fascinerend beeld van twee vrouwen die hoe dan ook gehoord wilden worden. Inhoudelijk pittig theater dat aan het denken zet.

Je kan Leni & Susan nog tot en met zondag 1 november gaan bekijken in OPEK.

Leni & Susan, Braakland/ZheBilding // Woe 28/10/15 om 20:00, Do 29/10/15 om 12:30, Vrij 30/10/15 om 20:00, Za 31/10/15 om 20:00, Zo 01/11/15 om 15:00 // OPEK (Het Nieuwstedelijk)
Tickets en infoOPEK

Door Evelyne Bauer.

Dit artikel verscheen eerder op CLUB KULtuur.

Bookmark and Share

Sunday at the Museum

M van museum, magnifiek, maatschappelijk, meerduidig en Morris – en vooral niet van Mora. Dat had allemaal betrekking op mijn zondagnamiddag, want (bijna) niets is leuker dan op een druilerige, grijze herfstdag een bezoek te brengen aan Museum M. Tijdens M in de Mix mocht ik proeven van de kersverse (en oudere) exposities in het museum onder de vakkundige en interessante uitleg van een gids. De rondleiding was volledig gratis voor cultuurkaarthouders – jawel! Om zulke gidsbeurten mee te pikken en het museum ongelimiteerd te kunnen bezoeken, hoef je enkel een M-bassadeurskaart aan te vragen. Moeilijk? Neen. Al overtuigd? Uiteraard!

dsc_0018b
Sarah Morris © Charlotte Knapen

Lees verder.

Bookmark and Share

Limburgs dierbaar oord

‘Wij zijn waar de aarde heuvelt / waar het vlakke land gaat plooien.’

Wij, dat is Limburg, de thuisbasis van Toneelgroep Maastricht en het thema van de voorstelling Waar het vlakke land gaat plooien, op 14 oktober te gast in OPEK. Een Nederlands-Limburgse man is samen met zijn zwangere Belgisch-Limburgse vriendin zijn geboortegrond ontvlucht na de sluiting van de mijnen, vastbesloten om die zwarte geschiedenis uit te wissen. Een moeder die op sterven ligt, onderbreekt het feestgedruis in Berlijn en dwingt de uitgeweken jongeman tot een woelige roadtrip terug naar Heerlen en een verleden dat hij diep in de mijnschachten had achtergelaten.

Sinds januari 2015 staan Servé Hermans en Michel Sluysmans aan het artisitieke roer van Toneelgroep Maastricht. Waar het vlakke land gaat plooien is hun eerste productie en geeft meteen hun visie weer: het gezelschap is lokaal verankerd, maar moet tegelijk ook universeel aanspreken. Hoewel deze voorstelling over het glooiende Limburg gaat, kan elke toeschouwer in ons Limburg zijn eigen thuis herkennen. Dichter dan een Limburgs lief kom ik niet bij het Limburggevoel in de buurt, maar ik kon me toch vinden in het verhaal over die eeuwige cirkel van vertrekken en steeds opnieuw thuiskomen. Jibbe Willems zorgde voor de tekst en wist het stuk luchtig te houden met een gezonde portie ironie. Net voor het geheel platvloers wordt, raakt de tekst echter de poëtische snaar: de grens tussen humor en ontroering wordt naar het einde toe steeds vager. Acteurs Joke Emmers en Servé Hermans zetten zo krachtig teksttheater neer en worden daarin muzikaal bijgestaan door de liveband HET ZUIdEN.

stephan-vanfleteren
© Stephan Vanfleteren

‘Alles, Alles geht vorbei, doch wir sind uns treu.’

Niet alleen de vier muzikanten van HET ZUIdEN zorgen voor muziek, het gezelschap bracht ook een sopraan mee, die de rol van de moeder op zich neemt. Terwijl ze aardappelen schilt en voor haar zoon een steeds levendigere herinnering wordt, zingt Lies Verholle met haar hoogste noten het Limburgse volkslied. Later wagen alle spelers zich gezamenlijk aan een ingetogen versie van Gorki’s Lieve Kleine Piranha, een  gepast eerbetoon dat voor de Belgische toeschouwers de suggestie van een warme thuis alleen maar versterkt. Ook de appelwangetjes en het ongedwongen spel van Joke Emmers – het woord guitig is voor haar uitgevonden – verspreidt een vertrouwde gloed in de zaal.

Gedurende het grootste deel van het stuk rijdt het koppel met een razende snelheid over de Autobahn, steeds meer opgejaagd door herinneringen die ze dachten uitgeveegd te hebben. De voorstelling zelf houdt een even moordend tempo aan, wat de acteurs soms verhindert om de poëtische tekstblokken met voldoende diepgang te brengen. Het publiek kan dankbaar uitbollen in de muzikale intermezzo’s, waar het de kans krijgt om voorbij de taalgrapjes en zwangerschapskwaaltjes van de personages te kijken en de boodschap van de voorstelling te begrijpen: je kan proberen je verleden te ontvluchten, maar je geboorteland draag je altijd met je mee.

‘Al lukt het je je wortels af te kappen / als je van Limburg bent / groei je nergens weer opnieuw.’

Waar het vlakke land gaat plooien, Toneelgroep Maastricht // Woe 14 oktober 2015 // OPEK (Het nieuwstedelijk)

De voorstelling is nog tot en met 22 november te bekijken in verschillende schouwburgen in België en Nederland.

Door Evelyne Bauer.

Dit artikel verscheen eerder op CLUB KULtuur.

Bookmark and Share

Koning van de Belgische folk

Na onder meer Bent van Looy en Gepetto & The Whales viel de eer dit jaar te beurt aan Bony King om te pronken op de affiche van OpeningsUUR KULtUUR, het muzikaal startschot voor het nieuwe academiejaar. Naar jaarlijkse en goede gewoonte was dat openingsconcert gratis voor cultuurkaarthouders. De oudste albums van Bony King ken ik al een hele tijd, maar afgelopen festivalzomer heb ik tijdens Pukkelpop mijn bed verkozen boven het vroege concert van Bony King en een eerste kennismaking met zijn nieuwe album Wild Flowers. Tot mijn grote spijt, en dat heeft het concert van woensdag mogen bevestigen. Ik blik terug op een geslaagde avond.

Bony King
© Charlotte Knapen

De Gentse singer-songwriter Bony King alias Bram Vanparys, die zijn voormalig pseudoniem The Bony King of Nowhere inruilde tegen een kortere variant, heeft al vier albums op zijn conto staan. In 2009 debuteerde hij met het bejubelde Alas My Love en daarop volgden de evenzeer succesvolle Eleonore (2011) en The Bony King of Nowhere(2012). Zijn jongste album, Wild Flowers, zag in het voorjaar van 2015 het licht na een vruchtbare samenwerking met topmuzikanten en producer Ryan Freeland in Los Angeles. Bony King is verder bekend om de filmmuziek die hij schreef voor Les Géants van Bouli Lanners en het titelnummer van de langspeelfilm 22 mei van Koen Mortier.

Vanparys kwam, zag en mocht tevreden zijn: een grote menigte (van voornamelijk) studenten was naar de Pieter de Somer-aula afgezakt voor een ontspannen muzikale avond, zoals het de Leuvense cultuurliefhebbers belieft. De vijfkoppige band kwam fashionably late ter zake met het openingsnummer Standing in the Light, dat ook het eerste nummer is van het jongste album. Er was zonder twijfel sprake van een aanhef à la (The) Bony King (of Nowhere): herkenbare en harmonieuze melodieën, traditioneel en netjes binnen de lijntjes gekleurd. Mijn verwachtingen waren bij dezen ingelost. Vanparys liet zelf overigens ook een keurige indruk na (Dat hemd! Die lederen schoenen!). Het hele concert was in een ongedwongen jasje gestoken en baadde in de sfeer van een huiskamerconcert. Vanop de derde rij banken, op luttele meters van de planken, vergat ik haast dat ik me in een grote Leuvense aula bevond. De aanzet tot een intiem concert was gegeven.

“Ik schrijf alleen over echte zaken.” 

Lees verder.

Bookmark and Share

De nieuwe soundtrack voor ‘The Curious Case of Benjamin Button’?

Op 21 september 2015 startte KU Leuven het prille academiejaar met een verkwikkend openingsconcert georganiseerd door Festival 20/21. Tijdens de inleiding beloofde dirigent Reinbert de Leeuw ons een intense avond terwijl hij – doordrongen van een oeverloze passie – zijn visie op componist Leoš Janáček (1854-1928) afvuurde. Rondom mij zaten duidelijk kenners van het genre en Janáček’s vinnige stijl. Voor geïnteresseerde enthousiastelingen en muziekfanaten, bekijk zeker het programma van novecento (21/09 – 28/10) en transit (23/10 – 25/10). Het festival biedt negen topconcerten aan waarbij muziek uit de twintigste en eenentwintigste eeuw centraal staan.

reinbertdeleeuw

Lees verder.

Bookmark and Share

Willow, Kort en krachtig! Net als deze recensie

Hoewel voor de meeste studenten de blok pas over een week begint, worden de studenten musicologie, zoals de traditie dat wil, nu al overstelpt met praktijkexamens. Neem daarbij nog een aantal deadlines en presentaties en jullie begrijpen ongetwijfeld waarom ik eerder beknopt ben gebleven in mijn beschrijving van het Slotuur KULtuur. Toch wou ik u, de trouwe lezer van deze blog, een impressie van het laatste uur KULtuur van het jaar niet besparen.

In een periode die gedomineerd wordt door sportmetaforen en playoffverwijzingen is het een binnenkopper om het concert van Willow in het Depot als een thuismatch te bestempelen. Maar als je als band zo kan profiteren van het thuispubliek, is die verwijzing volledig gerechtvaardigd.

Al vier jaar staat de publieksprijs van Humo’s Rock Rally te blinken in het repetitiekot van Willow. Sindsdien is het vijftal even onlosmakelijk met het Depot verbonden als Yevgueni en Discobar Galaxie. Geen wonder dus dat het studentenpubliek, ondanks de nakende dreiging van “de blok”, toch in groten getale was opgedaagd. Op M83-esque wijze betraden Pieter-Jan Van Den Troost en zijn kompanen het podium. De dreunende synthesizers en barokke gitaarriffs maakten meteen duidelijk dat Willow met hun nieuwe plaat Plastic Heaven radicaal de elektronische kaart getrokken heeft. Stop The Human League in een blender met de hakkelige beats van Flosstradamus en je krijgt pareltjes als Plastic Heaven, Remedy of Danger (dat in het Depot dan weer verrassend Stromaeaans klonk). Zoveel energie in de concertzaal! En de hyperkinetische studenten maar dansen! Het nieuwe werk werd afgewisseld met hits van hun debuut “We the Young”. Van het handengeklap bij Sweater tot het magistrale meezingmoment in Weeping Giants, Willow liet het publiek genieten. Technische mankementen konden het publiek niet deren en de straalbezopen hecklers brachten de band dan weer niet van de wijs. Was dit voetbal, de drie punten waren binnen.

Met pijn in het hart moet ik jullie meedelen dat het Club KULtuur jaar erop zit. Tijd om achter de boeken te kruipen, thesissen af te werken en (ongetwijfeld) stuk voor stuk geweldige examens af te leggen. Veel succes!

Door Jasper Croonen.

Dit artikel verscheen eerder op CLUB KULtuur.

Bookmark and Share